PDF PDF Print

De praktijk van Ivonne van de Kar


Mensen vormen de bron, de grondslag van onze samenleving. Het katholiek sociaal denken bewaart het inzicht dat de mens in zijn totaliteit van grote waarde is: lichamelijk én geestelijk. Seksualiteit maakt onmiskenbaar onderdeel uit van onze lichamelijkheid, zij dient dan ook altijd verbonden te zijn met wederzijdsheid in genot en vreugde. De realiteit is helaas vaak minder rooskleurig. Ivonne van de Kar, coördinatrice van Stichting Religieuzen Tegen Vrouwenhandel, vertelt het verhaal van Natalia. Een verhaal over uitbuiting en teruggevonden waardigheid.  

Enige jaren geleden kwam ik Natalia tegen, een jonge vrouw uit een land ver ten oosten van Nederland. Net afgestudeerd liet ze haar moeder in diepe armoede achter om in het westen in korte tijd genoeg geld te verdienen voor haar moeder en voor een goede start van haar eigen leven en carrière.
De aardige vrouw die haar een goed betaalde baan in Nederland had aangeboden reisde met haar mee en hielp haar met alle formaliteiten. In Nederland aangekomen bracht de vrouw haar naar een man in een kleine stad. Haar ‘vriendin’ vertrok zonder afscheid maar kreeg wel geld mee van de man. Natalia was verkocht aan een pooier en werd gedwongen te werken in een seksclub. Ze bleek alle reiskosten die haar ‘vriendin’ voor haar gemaakt had met een fikse rente te moeten terugbetalen. Ze ontdekte dat ze een schuld van € 8.000,- had en de enige manier om die terug te betalen was met werken in deze club. De Nederlandse man gebruikte veel geweld, sloeg haar en verkrachtte haar tot ze uiteindelijk instemde met het werk.
Enkele maanden werkte Natalia in deze en andere clubs in Nederland. Ze ging per avond soms wel met acht mannen ‘naar boven’. Het geld dat ze verdiende werd door de clubeigenaar grotendeels in beslag genomen. Als afrekening van haar schulden. Om hulp vragen durfde ze niet en naar de politie gaan was voor haar geen optie, die zouden haar immers vast niet helpen, zo dacht ze. Haar situatie leek uitzichtloos, er kwam nooit een einde aan het geweld en aan de stroom mannen. Ze verloor alle hoop en was voor haar baas en de klanten niet meer dan een stuk vlees, een ding.

Bij een inval van de politie werd ontdekt dat er iets in haar verhaal en papieren niet klopte. Ze werd meegenomen en de politie vroeg haar of ze dit werk wel vrijwillig deed, of ze gedwongen werd en of ze haar eigen verdiensten mocht houden. Schoorvoetend en beetje voor beetje bekende ze dat ze daar onder grote dwang werkte. De politie vermoedde dat ze een slachtoffer van mensenhandel zou kunnen zijn en wilde haar naar een opvangplek brengen. Het was zondagavond en er werd voor haar een plekje gevonden in het Giordano Brunohuis, destijds een gastvrij huis van de Dominicanen waar meisjes als Natalia naartoe gebracht konden worden. Natalia kwam in een geleende regenjas binnen. Zat bevend als een rietje op de bank te bekomen van alles wat er gebeurd was. Ze weigerde haar jas uit te doen en de zuster die zich over haar ontfermde, kwam er na een kop koffie en een gesprek met handen en voeten achter dat Natalia onder haar jas alleen haar werkkleding oftewel lingerie aan had. Al haar bezittingen had ze achter gelaten. Ze bezat helemaal niets meer.
In dit huis werd ze opgevangen, kon ze uit een kast wat kleding kiezen en kreeg ze tijd en ruimte om op verhaal te komen. Ze kreeg alle hulp die ze nodig had en misschien nog wel het belangrijkste; ze mocht er zijn en ze werd niet veroordeeld. De mensen in het huis namen haar op in de dagelijkse routine en langzaam werd Natalia weer mens.


Andere praktijkvoorbeelden:

VKMO - Katholiek Netwerk | Walpoort 12 | 5211 DK | ’s-Hertogenbosch | 073 6134140 | E-mail