PDF PDF Print

Het visioen van CNV Onderwijs, door Joany Krijt

 

 

Werkplezier en professionele ruimte; een visioen voor het onderwijs

Door Joany Krijt, lid dagelijks bestuur CNV Onderwijs

www.cnvo.nl

 

Een vloedgolf aan verwachtingen

Een van de problemen waar het personeel in het onderwijs mee kampt is dat zij heen en weer worden geslingerd tussen de eisen en verwachtingen vanuit verschillende kanten: Het kabinet verwacht dat de harde prestaties omhoog gaan (taal, rekenen, citoscores). De maatschappij verwacht dat vele maatschappelijke problemen en knelpunten in het onderwijs worden behandeld en opgepakt (toenemend alcoholgebruik onder jongeren, gezonde voeding, agressie en geweld). En de ouders verwachten dat het onderwijs aansluit bij de behoefte van hun kind (adhd, hoogbegaafd, pdd-nos). We gaan er met elkaar vanuit dat de leerkracht een professional is en spreken hem daar ook op aan. Maar hoe groot is de professionele ruimte van een leerkracht nu helemaal binnen de grote tegenstrijdigheid aan verwachtingen en de grilligheid van de politieke stromingen in het land? Gevolg is dat de leerkracht voor de buitenwereld niet (meer) aan de eisen voldoet en het werkplezier minder wordt, doordat de professionele ruimte waarbinnen de leerkracht als professional kan opereren afneemt.

 

Oorzaken

Het onderwijs is van ons allemaal. Dat is de stelling die vanuit vele kanten te horen is. Het is ook waar, maar is dat niet een deel van het probleem? Het onderwijs kent vele stakeholders: de overheid, de maatschappij, de ouders, de kerk en/of de parochie. Stakeholders zijn belanghebbenden, maar geen eigenaren. Toch gedragen de stakeholders van het onderwijs zich vaak als eigenaren. De overheid bepaalt in Nederland de onderwijswetgeving en gaat over de bekostiging. De uitvoering is in handen van het onderwijs zelf. Met andere woorden: De overheid gaat over het “wat”, het onderwijs zelf over het “hoe”. Deze grens wordt in de praktijk echter door de overheid vaak overschreden. Ouders worden daarnaast gezien als consumenten van het onderwijs. Dit stelt de ouders in een opdrachtgevende rol ten aanzien van de professional die het onderwijs aanbiedt (u vraagt, wij draaien). Maar ouders zijn direct belanghebbenden van het onderwijs. Zij zouden direct betrokken moeten worden bij het onderwijsproces, maar zijn tegelijkertijd ook medeverantwoordelijk. De maatschappij vindt zichzelf ook eigenaar van het onderwijs, maar het onderwijs maakt deel uit van de maatschappij. Met andere woorden: iedereen denkt iets te zeggen te hebben over het onderwijs, maar niemand voelt zich mede verantwoordelijk.

 

Visioen

Door het onderwijs te zien als een onderdeel van de maatschappij waar wie allemaal mede verantwoordelijk voor zijn, rekening houdend met de professionaliteit van de mensen die in het onderwijs werken, kunnen we de kwaliteit van het onderwijs verhogen, de professionele ruimte optimaliseren en het werkplezier van de medewerkers vergroten. Dit vergroot de menselijke waardigheid van zowel diegenen die het onderwijs vormgeven (leerkrachten) als van de deelnemers (de leerlingen) en de ouders. Dit kan alleen als de overheid de visie van het onderwijs in Nederland bepaalt en de kaders daarvoor vaststelt, maar zich niet bemoeit met de “hoe”-vraag. De overheid geeft aan op welke wijze zij het resultaat toetst en faciliteert de uitvoering (bekostiging). Het onderwijs is zelf verantwoordelijk voor de uitvoering (subsidiariteitsbeginsel). Dat geldt voor schoolbesturen,  schoolleiding en de leerkracht; ieder op zijn eigen niveau. De uitvoering is transparant en over de uitvoering wordt verantwoording afgelegd. De manier waarop het onderwijs wordt vormgegeven wordt bepaald in nauw overleg met ouders en rekening houdend met de steeds veranderende maatschappij. Ouders zijn geen eenzijdige afnemers van het onderwijs, maar direct betrokkenen en participanten die zelf invloed kunnen uitoefenen en nauw betrokken worden bij de uitvoering ervan.

 

Kortom: het onderwijs moet weer volwaardige speler worden in de maatschappij,  in plaats van een speelbal van de maatschappij. 

VKMO - Katholiek Netwerk | Walpoort 12 | 5211 DK | ’s-Hertogenbosch | 073 6134140 | E-mail